terug  begin  verder
[p. 238]

Naschrift

Langzamerhand bestaan er enige duizenden publikaties over Multatuli. Haast geen enkele daarvan kan geheel betrouwbaar worden geacht, zelfs niet als het de uitgave van authentieke stukken, brieven of documenten betreft. Dit bleek mij o.a. toen ik de door Dr. Pée gepubliceerde tekst van Mimi's dagboek met het handschrift vergeleek. Een van de zeldzame gevallen waarin ik zoiets heb kunnen doen, overigens. Alle gepubliceerde documenten te vergelijken met de handschriften (voorzover niet onvindbaar) was onmogelijk, een veel te grote taak voor een man alleen en bovendien een waarvoor ik niet ben opgeleid en waarvoor ik, een leven lang worstelend tegen nooit geheel bedwongen slordigheid, niet de minste aanleg bezit.

Voorts heb ik ook talrijke andere gegevens niet kunnen controleren en als ik dus lieg, lieg ik in commissie. Ook mijn eigen boek zal op den duur wel niet geheel betrouwbaar blijken te zijn, al hoop ik dat het me gelukt is een aantal wijd verbreide misvattingen recht te zetten.

Multatuli's levensbeschrijving is nog altijd een onontgonnen gebied, waarop zo nu en dan iemand wat roofbouw bedrijft.

 

Het schrijven van zijn definitieve, volledige biografie, die minstens 1500 pagina's groot zou moeten zijn, zal een groepsbezigheid moeten worden, als het er ooit van komt, of komen kan, d.w.z. als het daarvoor benodigde materiaal ooit compleet en goed geordend bijeengebracht wordt.

Voorlopig is daarvan geen sprake.

Zelfs uitgebreide briefwisseling met allerlei instanties heeft mij b.v. niet een klein feit als de juiste sterfdatum van Wouter Bernhold kunnen openbaren. Dit is maar een enkel voorbeeld uit vele.

 

Bij het verzamelen van de gegevens zijn mij, behalve de uitgevers, onder meer de volgende personen en instanties in een of ander opzicht behulpzaam geweest, die ik hiervoor van harte dank:

Bibliotheek van het Institut Néerlandais, Parijs

Drs. H.J. Boukema, Jakarta

[p. 239]



illustratie
Dr. Julius Pée (1871-1951); prefect van het Koninklijk Athenaeum te Brugge; publiceerde een groot aantal Multatulidocumenten, soms te weinig kritisch helaas; zijn Multatuli en de Zijnen was de aanleiding tot de verschrikkelijke polemieken in 1937 en latere jaren.



illustratie
‘Pondok Max Havelaar’; Hans Yassin, die Max Havelaar in het Bahasa Indonesia vertaalde, voor het huisje dat hij bouwde van de opbrengst. (Foto Boukema, Jakarta; pondok = bijgebouwtje)

[p. 240]
Dr. H. Bouman, Den Haag
Drs. R. Breugelmans, Leiden
Drs. R. Delvigne, Amsterdam
Ir. E. Th. Douwes Dekker, Zwolle
Mevr. H.A. Douwes Dekker-Schoenmaker, Amsterdam
N.A. Douwes Dekker, Huizen (N.H.)
Dr. F.A. Janssen, Krommenie
Mevr. J. Keppler, Amsterdam
Koninklijke Bibliotheek, Den Haag
J. Kortenhorst, Den Haag
Multatulimuseum, Amsterdam
Muséum National d'Histoire Naturelle, Parijs
Rijksinstituut voor Oorlogsdocumentatie, Amsterdam
Universiteitsbibliotheek, Amsterdam.

Wat de schrijfwijze van Indonesische namen aangaat, heb ik na rijp beraad ten slotte maar de in Multatuli's tijd gangbare aangehouden. Daar waar een geografische naam voor het eerst in de tekst genoemd wordt, heb ik, als de moderne schrijfwijze in sterke mate van de oude afwijkt, de moderne schrijfwijze - of naam - tussen haakjes bijgevoegd.

 

De spelling van Nederlandse citaten is grotendeels gemoderniseerd, alleen daar met opzet niet, waar een eigenaardige spelling bijdraagt tot het beeld van wat er beweerd wordt.

Alleen van die afbeeldingen, die niet uit het Multatulimuseum afkomstig zijn, is de herkomst aangegeven.

 

Parijs, september 1975-december 1985

terug  begin  verder